Alpha-weekend
Ik doe de deur van de slaapzaal open en schrik: Het plafond is laag en vijftien stapelbedden staan dicht tegen elkaar aan. ‘Wat is het hier krap, moet ik hier slapen?’ zucht ik. Een Iraans Alpha-teamlid kijkt mij indringend aan: ‘Ik heb ooit tien dagen in de modder in een bos geslapen’, zegt hij zacht, ‘Hier is het goed.’ De eerste les van dit Alpha-weekend is binnen. Het is zeker niet de laatste! De vrijdagavond begint traditiegetrouw met een kennismakingsbingo, waarin ik word gekoppeld aan een Engelstalige deelnemer. Samen met hem heb ik in een paar minuten gesproken en gelachen met alle andere deelnemers. Het ijs is gebroken.
Improviseren
Een Alpha-weekend gaat nooit zonder slag of stoot. Een aantal mensen is ziek, moet werken of haakt om een andere reden af. Er zijn bijna geen stopcontacten en niet alle apparatuur werkt meteen. Maar we zijn een geweldig team en improviseren ons samen door het weekend heen. En vanaf de eerste avond is de Heilige Geest voelbaar aanwezig. Niet alleen wordt er over Hem gesproken, maar tijdens het kijken van de film word ik geraakt. Ik zie dit ook bij anderen. En het samen zingen is indrukwekkend. In drie talen maken we God groot.
Feestje
Zaterdag is op verschillende manieren een feestje. Allereerst wordt Jenst Jan Mertens 21 jaar vandaag, al wordt dat snel gecorrigeerd naar 45. Ook hij wordt in drie talen toegezongen. Het ontbijt is een feest voor de tong en daarna vieren we verder door weer voor God te zingen. Het samen zingen onder leiding van een talentvolle Iraanse gitarist zorgt voor confetti in mijn hoofd. Gek genoeg vooral bij een lied in het Perzisch, dat ik uit volle borst meezing. Mirjam legt uit wat de Heilige Geest doet, waarna we in de kleine groepen onze levens en ons geloof met elkaar delen. Deelnemers van de Farsi groep nemen al vast een voorschot op de feestavond en passen vast wat gekke jurkjes, petten, hoedjes, brillen, snorren en schoenen uit de carnavalskoffer van Mirjam. Nog iets feestelijks: deze middag mag ik zelf spreken over vervuld worden met de Heilige Geest. Tijdens de pauze probeer ik de punten van mijn verhaal op papier te krijgen, maar ik wil veel te veel vertellen. Om vier uur is een hele lap doorgestreepte tekst de karige oogst in mijn schrijfblok. ‘Heilige Geest, ik weet niet wat ik moet vertellen. Praat U maar door mij heen, geef mij maar de juiste woorden,’ bid ik. Meteen krijg ik een bijbeltekst in mijn hoofd en na het zingen stromen de woorden zomaar uit mijn mond. En lopen er tranen uit mijn ogen. Ik vertel over de angst die jarenlang mijn leven overheerste en hoe de Heilige Geest daar verandering in bracht. Als ik de mensen aankijk zie ik dat het verhaal binnenkomt en ze raakt.
Bidden
Na het praatje blijkt dat inderdaad zo te zijn. Mensen herkennen dingen uit het verhaal en komen voor gebed. We bidden voor familie, voor asielprocedures en voor vervulling met de Heilige Geest. In dit uur laat de Heilige Geest zich zien, in tranen, in dingen die worden beleden en in pijn die wordt gedeeld. In sensaties in het lichaam tijdens het bidden. In rust die bijna iedereen ervaart. Erg mooi is het als een Nederlandse deelnemer bij een gebedsteam vraagt om voor hem te bidden in het Farsi. Hij verstaat het gebed zelf niet, maar ervaart tijdens en na het bidden erg veel rust. Als ik voor een man aan het bidden ben, begint mijn hand die ik op hem heb gelegd heel erg te gloeien. Ik ben benieuwd of hij dit ook voelt en wat dit doet met die man. Ik durf het niet te vragen. Veel tijd om daarover na te denken is er niet, want een enorme pan met een Iraanse maaltijd wordt opgediend. Een van onze teamleden zit op de praatstoel en laat ons tijdens het eten gieren van het lachen.
Carnaval
Dit is een voorbode voor nog meer plezier: zaterdagavond is het carnaval in kampeerboerderij Klonie. Iraanse dames veranderen in blondines, De Iraanse mannen gaan Wild West en vieren feest met piraten, postbodes, Batman en andere vreemde vogels. Hierna verandert de zaal in ‘Ellertshaar got talent’ waarin Jenst Jan twee karaokeklassiekers uit zijn hoge hoed (in dit geval pet) tovert. Onze nekharen komen er van overeind, maar het levert wel een mooi feestje op. Een paar Iraanse mannen tonen met een dans dat ook zij kunnen carnavallen. Tussendoor doen we een soort taalspel en een muziekquiz van Frits, die op een (mond)piano speelt. Veronica danst de Macarena samen met twee deelnemers die een stuk losser in de heupen blijken dan ik. Zoals een goed carnaval betaamt, eindigt dit feestje met een polonaise van mensen in knotsgekke kostuums.
Aangeraakt
Het is zo gezellig dat een aantal deelnemers tot diep in de nacht blijven zitten. Aan het ontbijt dus veel kleine oogjes en dikke wallen. En toch is iedereen blij. In de kleine groepen blijkt dat het weekend impact heeft. Er gebeurt iets met het geloof van mensen. Er zijn en worden dingen opgeruimd in onze hoofden. God raakt dingen aan in onze harten. God is aan het werk en we prijzen hem daarvoor opnieuw in het Engels, Farsi en Nederlands, waarna een paar mensen hun getuigenis geven. Een man komt naar voren en vertelt dat hij tijdens het gebed mijn gloeiende hand voelde. En dat hij op dat moment veel rust in zijn lijf, maar vooral in zijn hoofd kreeg, een plek waar het normaal continu spitsuur is. Hij is aangeraakt door de Heilige Geest. Hij is een van de velen. Het is daarom ook dat we met pijn in het hart de Klonie in Ellertshaar op zondagavond in het schemerdonker achter ons laten. Maar de Heilige Geest gaat met ons mee. We zijn benieuwd en vol verwachting wat Hij de rest van de Alpha-cursus gaat doen!’