Zondag 28 juni

‘de wijnstok’ ‘een nieuwe manier van kijken’ 

Johannes 15:1-8     Handelingen 9

Tekening van Ubel van landbouwers die een druivenstruik aan het oogsten zijn
Ik ben de ware wijnstok – door Ubel

We komen steeds meer in de zomer terecht. De toespraken ook. Een wijnstok kan je tegenkomen in gebied waar je je tent opslaat. In Frankrijk, bepaalde gebieden van Duitsland, maar ook in Scandinavië begreep ik deze week. Jezus gebruikt het beeld van de wijnstok om iets duidelijk te maken. Voeding van Hem krijgen en vruchtdragen. Hoe werkt dat? Nu is het misschien zo dat je in de afgelopen bijzondere periode voor je gevoel gesnoeid bent. Hoe zit dat dan met die vruchten?
Meer hierover in de overdenking van deze week.
De kinderen gaan met een verhaal uit Handelingen 9 aan de slag. 

  • Overdenking ‘de wijnstok’ (Nederlands) – door Gert
  • Overdenking ‘de wijnstok’ (Farsi) – door Gert & Sepehr

Een paar vragen voor na de toespraak:

  • Op welke plekken/momenten heb je geen vrucht kunnen dragen?
    Wat moest je in die zin loslaten/achterlaten?
  • Waar heb je (misschien wel onverwacht) vruchten zien opkomen?
    Of waar zou je de komende tijd vrucht kunnen verwachten? 

Voor de kinderen (en hun ouders)

De eerste christenen hebben het moeilijk: ze mogen geen christen zijn. Daarom worden ze vervolgd en gevangen genomen. Sommige christenen worden zelfs gedood! Een van de mensen die op christenen jaagt is Saulus. Saulus is een kampioen in het volgen van regels, Hij is erg trots en haat iedereen die in Jezus gelooft.

Tekening van Saulus op zijn knieën met fel licht van boven

Op een dag zoekt Jezus Saulus op, en vraagt hem waarom hij tegen Hem vecht. Saulus beefde over zijn hele lichaam en toen hij zijn ogen open deed kon hij niets meer zien. Ananias was een man die veel van Jezus houdt. Jezus komt naar hem toe in een droom en vraagt hem naar Saulus toe te gaan en voor hem te bidden. Ananias is bang want hij weet dat Saulus christenen gevangen neemt. Hij kiest ervoor om Jezus gehoorzaam te zijn, en als hij voor Saulus bidt worden zijn ogen weer beter.

Jezus raakt hem aan en hij is niet alleen genezen van zijn ogen maar hij geneest ook van binnen. God raakt hem aan en Saulus laat zich dopen. Hij verandert zelfs zijn naam in Paulus wat betekent: “klein” en “nederig” precies het tegenovergestelde van hoe trots hij vroeger was. Paulus gaat andere mensen over God vertellen, en legt hun uit dat het niet gaat om het volgen van de regels maar dat God ons genade geeft (een gratis geschenk).

Wat was er met Paulus gebeurd? Hij heeft Jezus ontmoet. Paulus krijgt een nieuwe taak en reis overal naartoe om mensen over Jezus te vertellen. Hij maakt zelfs drie keer een schipbreuk mee en komt tenslotte in de gevangenis terecht. “God houdt van ons!”, schrijft hij vanuit de gevangenis. En zo werd de familie n God groter en groter, precies zoals God aan Abraham beloofde tijdens die donkere nacht, eeuwen geleden. Tot de dag zou komen dat ze met meer zouden zijn dan alle sterren aan de hemel.

Vragen om over door te praten:

  • Wat vind jij het mooiste aan dit verhaal?
  • Wat vind jij het belangrijkste aan dit verhaal?
  • Wat vind jij van Paulus zijn leven?

De uitdaging van de week

Ga jij de uitdaging van de week aan? Hiervoor heb je nodig: witte en zwarte voorwerpen b.v. dropjes, pepermunt, kaarsjes of damstenen. Verder heb je nog nodig: een stopwatch of een horloge met een secondewijzer. Saulus wordt blind en ziet dus niets meer. Wat gebeurt er met je ogen als je een tijd in het donker zit en weinig ziet? Zoek een plek in huis waar het heel donker is (b.v. het toilet of een kast). Daar moet je even gaan zitten totdat je ogen gewend zijn aan het donker. Laat je ouders op tafel de zwarte en witte voorwerpen neerleggen. Kom terug uit de donkere ruimte en meet hoe lang het duurt voordat je de witte voorwerpen ziet en hoe lang het duurt voor je de zwarte voorwerpen ziet.

Veel plezier,
en Gods zegen,
namens het kinderwerkteam,
Esther Meijnen

Zondag 21 juni

‘tijd voor verandering?’ – Handelingen 2:42-47 + ‘de verloren zoon’ – Lucas 15:11-32

Is het na en door deze Corona Crisis tijd voor verandering? Een vraag die uitnodigt om eens te gaan zitten, na te denken, te bidden…..te bezinnen. Rudolf gaat met ons terug naar de eerste kerk en stelt de vraag of het tijd is voor verandering. Een handig werkblad voor deze vraag kan je bij de vragen vinden.
De kinderen gaan deze keer met het verhaal van de verloren zoon aan de slag.

Een paar vragen voor na de toespraak:

Het werkblad hiervoor, kan je hier vinden. Het gaat om deze vragen (die ook op het blad staan):

  • Brengt deze crisis verandering voor Assen Zoekt, voor onze samenleving?
  • Zijn er indrukken of ideeën die je zou willen delen of belangrijk vindt om te gaan doen?

Voor de kinderen (en hun ouders)

Jezus vertelt in de bijbel vaak verhalen, een gelijkenis, om dingen uit te leggen. Met het verhaal van “De verloren zoon” legt Jezus uit hoe God als Vader is. Een Vader heeft twee zonen, de jongste wil niet langer thuis wonen en vraagt om zijn erfenis. Hij viert elke dag feest en maakt zijn geld op. Er komt een hongersnood in het land, ook de zoon heeft geen eten. Hij past op de varkens om geld te verdienen, hij heeft zo’n honger dat hij zelfs het voer van de varkens wil gaan eten. Een varken is een onrein dier volgens de Joodse wet, en daarom eten Joodse mensen geen varken. Dus als een Joodse man een varkenshoeder was en zelf het varkensvoer wilde eten, deed hij iets wat niet mocht volgens de wet. De zoon denkt aan zijn vader en weet dat de knechten van zijn vader genoeg te eten krijgen. Hij denkt, misschien kan ik beter teruggaan en mag ik een knecht bij mijn vader zijn. De zoon gaat op reis, terug naar huis. De vader ziet hem in de verte aankomen, rent hem tegemoet en omhelst hem. De zoon zegt dat het hem spijt en de vader geeft een groot feest om te vieren dat zijn zoon weer thuis is. De oudste broer komt thuis en is boos omdat zijn vader voor hem geen feest heeft gegeven. De vader zegt: “Mijn jongen, je bent toch altijd bij me. En alles wat van mij is, is ook van jou. Wees toch blij, laten we samen feestvieren. Want je broer was verloren, maar hij is weer terug!”

Vragen om over door te praten:

  • Wat vind jij het mooiste aan dit verhaal?
  • Wat vind jij het belangrijkste in dit verhaal?
  • Wat vind jij ervan dat God, de Vader, altijd blij is als iemand bij hem komt, en dat hij niet boos wordt?

De uitdaging van de week

Ga jij de uitdaging van de week aan? Voor de uitdaging van de week heb je wit papier, gekleurd papier, lijm, schaar, potloden of stiften en wol nodig.

In het filmpje wordt door Marjolein uitgelegd hoe je de uitdaging van de week kunt maken, op de foto kun je het resultaat bekijken.

Je mag zelf, of je moeder of vader vragen om op het poppetje te schrijven: “bij God de vader ben je altijd welkom”. Enne… vergeet je vader niet te verwennen voor Vaderdag? 😉

Veel plezier,

En Gods zegen,

namens het kinderwerkteam,

Noa en Marjolein Schutte

Zondag 14 juni

‘Verlies jij de moed wel eens?’ – Efeze 3:14-19

We willen in deze tijd een paar beelden & teksten van de kerk voorbij laten komen uit de Bijbel. Deze beelden kunnen ons helpen om te kijken hoe we in en na deze ‘coronatijd’ kerk kunnen zijn. Vorige week was het beeld van het lichaam aan bod. Voor de kinderen gaat het deze week over de Liefde. De rest gaat het hier later nog over hebben. De overdenking gaat deze week over een tekst die over bemoediging gaat en hoe dat een rol speelt in een groep/gemeenschap.

Een paar vragen voor na de toespraak:

Kies één of een paar vragen uit om kort over door te praten:

  • Ben jij iemand die altijd optimistisch is of je laat je je snel ontmoedigen?
  • Wat voor personen kunnen jou goed bemoedigen?
  • De moed erin houden; in hoeverre maakt het een verschil of je gelovig bent of niet
  • Voor wie ben jij een bemoediger?

Voor de kinderen (en hun ouders)

  • De liefde” voorgelezen door Evelien Scholtens
Foto van een heg waar een gat in is geknipt in de vorm van een hartje

Als je geen liefde hebt voor anderen zijn je woorden zinloos. Zelfs al laat de Heilige Geest je alle talen van de wereld spreken. Liefde is: geduldig en vriendelijk zijn. Liefde is niet jaloers zijn, niet vertellen hoe goed je bent, jezelf niet belangrijker vinden dan de ander. Liefde is: een ander niet beledigen, niet alleen aan jezelf denken, geen ruzie maken en geen wraak willen nemen. Liefde is: blij worden van het goede, en een hekel hebben aan het kwaad. Door de liefde verdraag je alles wat er met je gebeurt. Door de liefde blijf je geloven en vertrouwen. Door de liefde blijf je altijd volhouden. Nu zien we God nog niet. We merken wel dat Hij er is, maar we zien Hem niet. Maar straks, in de nieuwe wereld, zullen we God zien met onze eigen ogen. Nu weten we nog lang niet alles over God. Maar dan zullen we Hem echt kennen, zoals God ons nu al kent. Dit is waar het om gaat, geloof, vertrouwen en liefde. Maar het allerbelangrijkste is de liefde.

Vragen om over door te praten:

  • Wat is liefde?
  • Wat vind jij ervan dat de liefde het belangrijkste is?
  • Welk kenmerk vind jij het mooiste van de liefde?

De uitdaging van de week

Ga jij de uitdaging van de week aan? Voor de uitdaging van de week heb je nodig: (gekleurd) papier, viltstiften, potloden of pennen, een schaar, lijm en touw.

Meisje troost een jongetje in de speeltuin

In het filmpje wordt uitgelegd hoe de uitdaging van de week werkt, en aan het eind vind je nogmaals de instructie. Als je de uitdaging hebt gedaan heb je een slinger met de kenmerken van de liefde, die voor jullie het belangrijkste zijn. Zo kun je ze nooit vergeten! En heb je gelijk een vrolijke, feestslinger voor in huis.

Veel plezier,

En Gods zegen,

Namens het kinderwerkteam,

Evelien & Esther

Zondag 7 juni

‘Ben ik welkom in de kerk?’ – 1 Korinthiërs 12:12-31

Het antwoord is ja 🙂 Ook als Hagenees voel ik mij welkom en onderdeel van Assen Zoekt. In het begin kreeg ik zelfs even de titel Assenees mee.

Dat mensen met verschillende achtergronden, culturele achtergrond, geloofsachtergrond en bv sociale achtergrond welkom zijn, is een belangrijke waarde bij Assen Zoekt. Tegelijk merken we dat dit in de praktijk niet vanzelfsprekend is dat dit altijd lukt. Soms kan de ruimte voor deze diversiteit wringen met normen of waarden die voor jou belangrijk zijn. Het kan ook gebeuren dat het geluid van één van de groepen vaker of harder is dan die van jou. Paulus schrijft over twee richtingen waarop je de spanning die dan ontstaat kan benaderen. En hoe je diversiteit belangrijk kan maken vanuit de gemeenschappelijke basis van het volgen van Jezus. Ik ga hier in de toespraak verder op in.

Mocht je onze ras Hagenees niet kunnen verstaan, dan kan je altijd nog de Farsi versie proberen:

Een paar vragen voor na de toespraak:

De voet kan niet zeggen tegen de hand: “ik ben geen hand dus hoor niet bij het lichaam”

  • Voel jij je wel eens zo ‘anders’ dan de anderen van Assen Zoekt dat je je afvraagt of jij hier wel thuis hoort?
  • Kan je wat meer vertellen over waarom/wanneer je dit juist wel of juist niet ervaart?

Het hoofd kan niet zeggen tegen de voet: “jij bent geen hoofd, dus je hoort er niet bij”

  • Vind jij anderen wel eens zo anders, dan wat jij van iemand van Assen Zoekt verwacht, dat je denkt of zegt ‘(waarom) hoor jij eigenlijk bij Assen Zoekt’?
  • Kan je wat meer vertellen wanneer je dit juist wel of juist niet ervaart.
  • Kan het beeld van het lichaam dat Paulus gebruikt veranderen hoe je naar jezelf en anderen kijkt in Assen Zoekt? Zo ja, probeer het dan ook concreet te maken.

PS: Uiteraard is het lichaam van Christus waar Paulus over spreekt veel groter en meer dan Assen Zoekt. Ook de diversiteit in denominaties bv is een uiting van de diversiteit binnen dat ene lichaam. Vanuit dit grotere perspectief hoeft niet voor iedereen Assen Zoekt de best passende plek te zijn of de plek waar God jou roept om je talenten in te zetten.

Groet Theo Velthuysen

Voor de kinderen (en hun ouders)

  • 1 lichaam’ – voorgelezen door: Mirjam Greving

In het nieuwe testament staan een heleboel brieven. Deze brieven zijn vaak gericht aan kerken die nog maar net bestonden, een brief werd speciaal geschreven om christenen in deze kerken te helpen met vragen over het geloof. Het verhaal van deze week is uit de brief aan de kerk in Korinte. Korinte is een havenstad in Griekenland, waar een heleboel gebeurde. De christenen in Korinte waren het over een heleboel dingen niet eens, deze brief is geschreven om uit te leggen dat de christenen meer samen moeten gaan werken. Maar dat betekent niet dat iedereen hetzelfde moet zijn daarom wordt de kerk vergeleken met het lichaam van een mens.

Het lichaam is een geheel, maar bestaat uit veel verschillende delen. En al die delen vormen een lichaam. Op dezelfde manier vormen wij samen als christenen, een lichaam want we horen allemaal bij Jezus Christus. God heeft elk deel van het lichaam een eigen taak gegeven, precies zoals Hij het wilde. Alle delen van het lichaam zijn belangrijk, het oog kan niet zeggen tegen de hand: “Ik heb je niet nodig”. Nee, natuurlijk niet! Sommige delen van het lichaam lijken minder belangrijk, maar we hebben ze toch echt nodig. God heeft dat zo gewild toen hij de mens maakte. Want Hij wilt niet dat het ene deel van het lichaam zich belangrijker voelt dan het andere deel. Nee, alle delen van het lichaam moeten met elkaar verbonden zijn. Als een deel van het lichaam pijn heeft, voelen de andere delen die pijn ook. En als een deel van het lichaam goed verzorgd wordt, genieten de andere delen van het lichaam daar ook van. Zo is het ook met jullie. Jullie vormen samen een kerk, ieder van jullie hoort erbij. Want jullie horen allemaal bij Christus.

Vragen om over door te praten:

  • Waarom gaat het verhaal over de kerk als het lichaam van een mens? Hoe lijken de kerk en een lichaam op elkaar? Wat vind je daarvan?
  • Zijn jullie thuis ook een lichaam dat samenwerkt? Wat kan elk gezinslid goed? Is dat handig? Wanneer wel, of wanneer niet?
  • Vind je het weleens moeilijk als een ander iets kan wat jij niet kunt?

De uitdaging van de week

Ga jij de uitdaging van de week aan? Voor de uitdaging van deze week heb je nodig: 2 papieren, stiften, en een harde ondergrond (b.v. een dienblad) en plakband. Als voorbereiding kun je de twee papieren vastmaken op de harde ondergrond door de papieren vast te plakken met plakband. Vervolgens zie je op de video welke opdrachten je krijgt.

Veel plezier!

En Gods zegen,

Namens het kinderwerk,

Esther Meijnen